Kelder

Op de tast probeert ze zich een beeld te vormen van de ruimte. Uiteindelijk gaan ze dat allemaal doen, uitzoeken waar ze zijn, maar bij de een duurt het soms wat langer dan de ander. Dit exemplaar is vrij snel. Het heeft maar een uur geduurd van totale paniek naar een vorm van redenatie. Daar zijn wij blij mee want ook al kunnen wij niet goed horen, het geschreeuw en gerammel aan de deur daar worden ook wij onrustig van.

Zielepijn

De verpleegster is een wat mollige vrouw met kort rood haar en een bril met een blauw montuur. De man heeft een grote grijze baard en heeft een ingevallen gezicht. Hij ziet eruit als een patient en niet als een concierge maar ja, wat weet ik daar nou van. Als ze bij het raam zijn stoppen ze even om met elkaar te overleggen. Dan haalt de verpleegster een paar spijkers uit haar uniform die ze vervolgens aan de man geeft. Ze tillen samen de plank op en bedekken het raam. De vrouw staat achter de letters IEK de plank omhoog te houden. Ze doet haar uiterste best om mij niet aan te kijken. Wat doen ze nou? Wat gebeurd hier?

Utrecht aan Zee

Ik ben trots als ik mijn vader achter het roer zie staan. Het is net een piraat. De baard en de tatoeages zijn er. Alleen het houten been en de papegaai missen nog. Ik heb altijd gezegd dat hij in de verkeerde tijd geboren is. Hij had mee moeten gaan met Columbus of een kapitein moeten zijn ten tijde van de VOC. Toen de schepen nog van hout waren en de mannen van staal. Ik had nooit kunnen dromen dat hij op z’n 77ste ons en drie andere gezinnen zou redden en ik ben dankbaar voor het feit dat mijn papa zelfs gelukkig wordt van een vlot in een vijver.

Menstrueren is Kut!

Als je het zwaar te pakken hebt dan voelt ongesteld zijn alsof iemand met een hete hark je ingewanden bij elkaar aan het trekken is. Het verzamelde geheel dan door een te klein putje wil proppen. (Wat niet lukt.) Dan uit frustratie weer alles omver gooit om vervolgens weer opnieuw te beginnen. Menstrueren is kut.

De Apotheek

De grijze, gebogen man leek zijn woorden eerst te moeten vangen met een schepnet voordat hij ze door zijn mond kon duwen.

‘Ik heb twaalf jaar een relatie gehad en nu is ze bij me weg’

Oh, dat is vervelend, zei de apotheker. Ze droeg een lippenstift in een schreeuwerige kleur.

Vingervelletje

Ik pulk aan mijn vingers. Veelal onbewust. Het losgerukte stukje huid wordt door het plukken alleen maar groter en dat wakkert de compulsie verder aan. Wanneer ik bijvoorbeeld een boodschappenbriefje schrijf, voel ik dat frutseltje langs mijn wijsvinger wrijven en dan moet ik er aan zitten. Een vicieuze cirkel.
Het dingetje hoort bij me en tegelijkertijd ook weer helemaal niet. Er bestaat een ziekte waarbij mensen ervan overtuigd zijn dat een ledemaat, een arm bijvoorbeeld, niet bij hun lijf hoort. Zij willen het liefst dat ledemaat verwijderen maar zitten hun hele leven met dat ding opgescheept. In lichte mate is dat dit. .

Mannencola

Ik slik het goedje door. Na het slikken wil ik mijn mond opendoen om te vertellen wat ik van deze mannencola vind. Dat lukt niet. Een plakkerige laag op mijn tanden en verhemelte voorkomt iedere kaakbeweging. Met pure wilskracht, die ervoor zorgt dat de binnenkant van mijn wangen pijn doet, trek ik mijn mond open. Zodra er echter zuurstof bij de plakkerige substantie komt, ontstaat er een heftige chemische reactie, mijn mond begint te roken en al mijn papillen komen direct in opstand. Ik moet mijn papi’s gaan helpen, zij kunnen duidelijk dit gevecht niet aan.